Historie (stukken)

16e eeuw

Oogtegels

Oogtegels

ca. 1530 - Guido di Savino

Deze "oogtegels" zijn afkomstig uit het Kasteel van Breda, de huidige Koninklijke Militaire Academie. De vloertegels zijn gemaakt door Guido di Savino, een Italiaanse plateelbakker die in Antwerpen een werkplaats had. Hendrik III van Nassau (1483-1538), de machtige en rijke heer van Breda, was klant bij di Savino. Na reizen door Italië en Spanje was Hendrik III in de ban van de renaissancekunst geraakt. Hij liet daarom op de plaats van zijn oude kasteel een paleis in die stijl bouwen. De Bredase oogtegels zijn uitgevoerd in de kleuren van de Nassau's, blauw en goud geel.
Roer van het turfschip van Breda

Roer van het turfschip van Breda

Tweede helft 16e eeuw

In de nacht van zaterdag 3 maart 1590 loodst Adriaan van Bergen uit Leur zijn turfschip het Kasteel van Breda binnen. Onder Van Bergens lading turf verschuilen zich 75 soldaten van prins Maurits. Zij overrompelen in die nacht het Italiaanse garnizoen, dat in naam van de Spaanse koning in het kasteel is gelegerd. Na de inname wordt het turfschip (19 meter lang, 4 meter breed) als een monument op het droge gezet op het terrein van het kasteel. 35 jaar later, na herovering van de vesting door Spinola, steken Spaanse troepen het turfschip in brand. Het roer zou daarbij bewaard zijn gebleven. In elk geval staat in een reisverslag van een statencommissie uit 1767 te lezen, dat het gezelschap in Breda het roer heeft bezichtigd. In de 19e eeuw is het roer overgebracht naar het Rijksmuseum in Amsterdam en daar tentoongesteld. Na de oprichting van Breda's Museum is het teruggekeerd in Breda.
Stadskannen

Stadskannen

ca. 1500 - h. 520 mm

Deze wijnkannen zijn gebruikt door de Vroedschap ofwel gemeenteraad van Breda. Er werd wijn uit geschonken in kleinere kannen die men aan tafel gebruikte om bekers en glazen te vullen. Het schenken van de stadskannen was een representatieve verplichting van de magistraat en hield in dat de inhoud ervan werd aangeboden aan belangrijke bezoekers van de stad.

17e eeuw

Archiefkist met emblemen

Archiefkist met emblemen

17e eeuw

Parochies moesten vroeger een archief aanleggen van alle stukken waarin verplichtingen waren vastgelegd voor het college van kapelanen. Deze stukken werden veilig opgeborgen in een archiefkist. Op zo'n kist zaten vaak meer sloten. Deze archiefkist heeft camouflagesloten om de aandacht van het werkelijke sleutelgat af te leiden. Dat sleutelgat is verstopt onder een afdekplaatje in het deksel. Aan de binnenzijde van dit deksel is een vernuftig smeedijzeren slotmechaniek aangebracht. Op de archiefkist zijn behalve bloemen, een wereldbol gedragen door een kreeft, en een boek op een wereldbol afgebeeld.
Klok van de Bredase stadskraan

Klok van de Bredase stadskraan

1695 - Paschsium Melliaert

De klok hing bij de stadskraan. De kraan stond ter hoogte van de vismarkt aan de haven. Als er werk te doen was voor de leden van het gilde van de Kraan- en Sleeperskinderen werd de klok geluid. Zij hadden het alleenrecht de kraan te bedienen en de vracht in de stad te bezorgen per sleepkar of wagen. De Bredase kraankinderen hadden een eigen lied, dat in 1858 is opgetekend: "Roept 't Klokgeklep van Kade en Kraan. Ons dagelijks tot den arbeid aan. Om, tot des burgers goed vertrouwen. Te hijschen, dragen, slepen, sjouwen. Opdat de Scheepvaart, onvermoeid. Voor Breda's Nut en Handel bloeit".
Model van de Grote Kerktoren

Model van de Grote Kerktoren

1669 / 1697 - Jacob Jacobus van Vrechelen / Uurwerk van Barent van Cloesen - h. 5000 mm.

Op Van Vrechelens model is de originele bolvormige torenbekroning uit 1509 te zien. Dit model van de toren van de Grote Kerk is vijf meter hoog. In 1694 was na een blikseminslag brand uitgebroken in de echte toren, waardoor de grootste klok van de beiaard en de oorspronkelijke bolvormige bekroning verloren gingen. De Hagenaar Barent van Cloesen plaatste in 1697 een uurwerk met prachtig klinkende schellen in het model. Zijn stadsgenoot Frank Verheijden versierde de omgangen met vergulde beeldjes. Op het model staat de tekst: "Vrinden, ziet dit werck Wie zach 't oit te vore buytenshuys de kerck en binnenshuys de tore".
Polsbeschermer

Polsbeschermer

1605

De handboog was van origine het wapen van het schuttersgilde van St. Sebastiaan. In het begin van de 17e eeuw werd het boogschieten door dit gilde nog slechts als een sport beoefend, bijvoorbeeld bij schuttersfeesten. Normaal gingen deze schutters gewapend met een geweer.

Een polsbeschermer werd door handboogschutters gedragen om de klap van de pees op te vangen. Deze polsbeschermer is kostbaar van uitvoering: ivoor met zilverbeslag. In het ivoor zijn de voorstelling van de marteling van St. Sebastiaan gegraveerd en een tweetal jachttafereeltjes. Deze polsbeschermer zou in 1605 door Prins Maurits zijn gebruikt. Althans, zo wil de overlevering vanuit het gilde. Enig schriftelijk bewijs ontbreekt. Mogelijk is het echter wel. In 1605 was Maurits heer en meester in Breda, 15 jaar na de inname met het turfschip. Hij kan dus best in dat jaar eregast geweest zijn op een schuttersfeest van het Sebastiaansgilde. Waarschijnlijk was hij zelfs beschermheer van het gilde.
Tafel

Tafel

ca. 1650

De tafel heeft een onderstel van houtsnijwerk in de vorm van diagonaal geplaatste dolfijnen, engelkopjes en lofwerk. Alles is wit en goud geschilderd. Deze tafel is in Noord Nederland gemaakt. Tafels als deze zijn in de Nederlandse meubelkunst zeldzaam. Mevrouw Van der Valk – Van den Biesen erfde de tafel van haar moeder. De tafel stond in haar geboortehuis, een hofhuis in de Bredase Nieuwstraat.
Dit pand was eeuwenlang in het bezit van de familie Van den Biesen.
 

18e eeuw

Collectebus Haagpoort

Collectebus Haagpoort

laatste kwart 18e eeuw

Op de collectebus staat de naam van de stadspoort Haagpoort gegraveerd. De collectebus is afkomstig van het Armkinderhuis. Het huis werd in 1637 opgericht voor arme verlaten kinderen, vondelingen en wezen, wiens ouders geen burgers van de stad waren. Ondanks de steun van de Oranjes verkeerde het Armkinderhuis bijna permanent in financiële moeilijkheden. Het was voor een groot gedeelte afhankelijk van collectes. In 1735 gaf het stadsbestuur toestemming voor een extra collecte op zondag, aan de vier stadspoorten.
Snijraam

Snijraam

ca. 1700

Het snijraam bevat houtsnijwerk in Lodewijk XIV-stijl. Een van de snijramen heeft een rennende jachthond als centraal motief. Het hier afgebeelde snijraam met het vluchtende hert is daarvan de tegenhanger. Twee snijramen sierden de bovenlichten van deuren in een woonhuis aan de Eindstraat in Breda.
Zwaard van de scherprechter

Zwaard van de scherprechter

18e eeuw

Dit is het zwaard van de beul van Breda. Op de ene kant van lemmet staat de naam van de eigenaar te lezen: Johannes Jacobus Kleijne. Aan de andere zijde zijn functie: "Richter van den scherpe zwaarde der Stadt en Baronie van Breda, 1792". Het laatste doodvonnis, dat met dit zwaard werd voltrokken was dat van Adriaan van Campen.

19e eeuw

De Grenadier

De Grenadier

19e eeuw

Deze uit planken gezaagde figuur stelt een grenadier uit het leger van Napoleon voor. Een grenadier is een met granaten bewapende soldaat. De houten grenadier heeft meer dan anderhalve eeuw de wacht gehouden bij een boerderij aan de Leegstraat. Deze straat verdween door de aanleg van het hoogspoor rond 1960. Bij de boerderij, die in die dagen tevens herberg was, zou een wachthokje hebben gestaan. Het café van Breda's Museum heet De Grenardier en daar staat de houten soldaat dan ook op wacht.
Gaper

Gaper

eerste kwart 19e eeuw

Gapers zijn van oudsher de uithangtekens van drogisten en apothekers. Vaak hebben ze het gezicht van een muzelman (moslim) of een nar. In de Middeleeuwen hielpen narren de kwakzalvers hun waar aan de man te brengen. De uitgestoken tong van de gaper heeft waarschijnlijk te maken met het stellen van de diagnose (Zeg 'ns Aaaa).

20e eeuw

Tegeltableau R.K. Burgerweeshuis

Tegeltableau R.K. Burgerweeshuis

1931

Centraal op het tegeltableau staat het katholieke weeshuis ofwel Huize Ocrum, het voormalige hofhuis aan de St. Janstraat. Het tableau werd aangeboden ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van het weeshuis in 1931. Afgebeeld zijn de portretten van de regenten van het huis. Aan de linker- en rechterkant van het tableau zijn twee wezen in het uniform van het weeshuis te zien.
Jublieumpenning KMA

Jublieumpenning KMA

1928 - Chris van der Hoef (1875-1933)

Bij het honderdjarig jubileum in 1928 kreeg de Koninklijke Militaire Academie een bijzondere penning aangeboden door de Hollandsche Kunstzijde Industrie. Dit was een van de plaatselijke bedrijven. Op de ene zijde is een gestileerde krijger afgebeeld. Op de keerzijde staat in fraai vormgegeven letters te lezen: "Aan de Kon.Mil.Academie tijdens het gouverneurschap van gen.majoor Van Everdingen, 1828-1928 / Van de Hollandsche Kunstzijde Industrie". Deze jubileumpenning is een Art Deco ontwerp.
Arrestantenstoel

Arrestantenstoel

ca. 1930

Deze eikenhouten stoel is een arrestantenstoel, die jarenlang dienst heeft gedaan op het Bredase politiebureau. Verdachten van wie een foto werd gemaakt, moesten op de stoel plaatsnemen. De metalen hoofdbeugel aan de leuning van de stoel is in hoogte verstelbaar. Samen met de houten richel op de zitting zorgde de hoofdbeugel voor de juiste houding van de arrestant.
Zetels voor Wilhelmina en Hendrik

Zetels voor Wilhelmina en Hendrik

1905 - Firma Hendrikx, Breda

Op 3 juli 1905 onthulde koningin Wilhelmina het Baronie- of Nassaumonument bij de ingang van het Valkenberg aan de Willemstraat. Het was dat jaar precies vijf eeuwen geleden, dat graaf Engelbrecht I van Nassau na zijn huwelijk met Johanna van Polanen zijn "Blijde Incomste" hield als heer van Breda. Daarmee vestigde de dynastie van Nassau, later Ornaje Nassau, zich in Nederland.
In de zetels kon het koninklijk paar bij die gelegenheid plaatsnemen. De stoel links op de foto was bestemd voor prins Hendrik. In de bekleding van de rugleuning is een H verwerkt. Meubelmaker Hendrikx voorzag de stoel voor Wilhelmina van een kroontje op de rugleuning en een W in de bekleding.
Medaillonportret

Medaillonportret

ca. 1530 / 1929 - Thomas Vincidor de Bologna Restauratie door Lukas van der Meer (1881-1949)

Hendrik III van Nassau, de heer van Breda, liet zijn kasteel geheel nieuw optrekken. Het werd een renaissancepaleis, een primeur in Noord-Europa. Onder Van der Meers leiding zijn in de periode 1927 – 1929 de Renaissance terracotta medaillons, met profielen van beroemde figuren uit de klassieke oudheid, van het kasteel van Breda gerestaureerd. De 16e eeuwse originelen waren dusdanig verweerd, dat reconstructie niet meer mogelijk was. Van der Meer heeft toen naar voorbeelden van klassieke sculpturen nieuwe medaillons vervaardigd, die gemerkt zijn met zijn signatuur en de nieuwe datum. Kopieën vervingen vervolgens de originele portretten aan de muren van de binnenplaats van het kasteel. De meeste originelen zijn sindsdien verloren gegaan. Breda's Museum heeft indertijd slechts drie exemplaren voor verlies weten te behoeden. Het medaillonportret van Sulla is er één van en bestaat dus deels uit 16-eeuws materiaal.
 

21e eeuw

Balansboog

Balansboog

19e eeuw

Het wapen is fraai versierd met inlegwerk van blokken, ruit- en stermotieven. De bol ofwel het contragewicht en de handgreep zijn van koper. In tegenstelling tot andere kruisbogen, die tegen de schouder worden gehouden, ligt een balansboog op de schouder. Vandaar het tegengewicht aan het einde.